


Binnen de tuinwijk ‘Westveld’ in Sint-Amandsberg werden op drie locaties een aantal woningen gerenoveerd. De woningen dateerden uit 1954 en kenmerkten zich door hun nederigheid in architectuur: uniforme gevelsteen, hellende daken in zwarte pannen, wit schrijnwerk en geschilderde betonnen raamkaders; elk huis in een andere tint. Destijds werd een BPA opgemaakt dat op maat werd geschreven voor de oppervlaktenormen van toen. Deze strikte stedenbouwkundige randvoorwaarden en de huidige minimale oppervlaktenormen dwongen de architect om de buitenschil en dakschil zo dun mogelijk te houden. Werken met keramische tegels en een dak in staande naad werd de oplossing voor dit vraagstuk.
Herinterpreteren van hetgeen dat aanwezig was.
Het voorstel van de architect begon bij het herinterpreteren van hetgeen dat aanwezig was. Herinneringen kunnen verder leven door ruimtelijke karakteristieken en kwaliteiten mee te nemen. Evenwichtige composities met de juiste maat, eenheid, een karakteristiek kleurenpalet en hoeken die de inkomportalen bescheiden grandeur verschaffen zorgen ervoor dat de nieuwe woningen aansluiting vinden bij de te behouden woningen.
Een subtiel verschil in materiaalgebruik en kleur.
Een subtiel verschil in materiaalgebruik en kleur geven de entree tot de tuinwijk een frisse aanblik. De woningen krijgen door de geprononceerde keramische tegel een geleding. Het tegelpatroon vormt de plint en loopt door in de achterbouw, een gekanteld blokverband geeft vorm aan het lijf en een stevige betonnen dakrand bekroont het volume. Inkomportalen met voordeuren krijgen elk een persoonlijke tint en worden zo in de verf gezet. Het schrijnwerk werd verdiept geplaatst en is gewoon wit, de dagkanten van de ramen krijgen dezelfde kleur als de inkom. Een betonluifeltje boven de inkomdeur maakt een genereus gebaar naar gezin en gast.